Het plan Klijnsma
 
Bijna 40 procent van de Europeanen beschikt niet over de basisvaardigheden voor het gebruik van een computer. Een op de vijf Europeanen heeft die vaardigheden wel. Er tussenin zit een groep die in meer of minder mate lijdt aan wat ik maar ‘digitale ongeletterdheid’ noem. Ze kunnen zich goed verstaanbaar maken, maar let niet teveel op taalfouten, verkeerd gebruikte uitdrukkingen of spraakverwarring.
In Nederland staat het er wat beter voor. Bij ons kan 80 procent van de bevolking op basaal niveau een computer bedienen, maar dat is nog steeds wat anders dan er efficiënt mee kunnen werken.
Digitaal analfabetisme lijdt op den duur tot maatschappelijke uitsluiting. Digitale ongeletterdheid – ik rommel maar wat aan op de computer en ik neem het niet zo nauw met de spelregels – is er de oorzaak van dat in menig bedrijf en instelling zeer inefficiënt wordt gewerkt met hulpmiddelen die juist zijn bedoeld om het tegenovergestelde te bereiken. Het scheuren op de elektronische snelweg zonder computerrijbewijs levert de gemiddelde burger al de nodige blikschade op; het onzorgvuldig bedienen van applicaties door werknemers die daartoe onvoldoende zijn opgeleid – of die zelf vinden dat ze het goed genoeg kunnen -bespoedigt de ondergang van bedrijven. Elk bedrijf dat het even moeilijk heeft moet dus in deze tijden van crisis als eerste maatregel het hele personeel naar een cursus sturen om de e-vaardigheden die bij specifieke functies horen op te frissen, bij te spijkeren en minstens één niveau op te voeren. Dus ook het hogere management moet mee op cursus, al moet je vrezen dat daarvoor de basismodule de meest aangewezen hulpbron is. Dat kost allemaal geen geld; het levert een aardige besparing op.
En de overheid moet mensen die werkloos worden niet de stuipen op het lijf jagen met dreigementen over de toekomstige hoogte van de uitkering, maar altijd een kans bieden met een e-vaardigheidsaanbod waarmee de kansen op werk worden vergroot. Immers, niet iedereen wordt werkloos omdat hij niet goed genoeg is opgeleid, maar extra vaardigheden verhogen wel de kans op (nieuw) werk. Op dat punt kan de overheid via het “Werkbedrijf” van staatssecretaris Klijnsma meer voor mensen betekenen dan een vermelding op de dijen van schaatser Shani Davis. Bijvoorbeeld door iedereen die werkloos wordt de digitale maat te nemen en vervolgens één niveau hoger weer de wei in te sturen. Zeg maar een soort inburgeringcursus voor de arbeidsmarkt van morgen. Een jaar geleden heeft SEO economisch onderzoek in een rapport al voorgerekend dat als je iedereen die werkt één vaardigheidsniveau omhoog brengt dat 2,6 miljard aan productiviteitsbaten oplevert. Dat gaan we dus doen! De bedrijven voor de werkenden en de overheid voor de mensen die hun baan kwijtraken. We noemen dat “het plan Klijnsma” en het bijbehorende actieplan – “het Werkbedrijf aan het werk!” - maken we nog bekender dan dat van Heemskerk.( U mag zelf kiezen of hier “Nederland Open in Verbinding” of “Nederland Dicht tijdens Vakanties” wordt bedoeld).
 
Sitebouw en MetaCMS door WebTeam ISP